Douglas Firs

bio

Ergens in één van de donkerste stegen van Whiskeytown, een dorp van 2 x nix, diep in de bosrijke voorgebergten van North Carolina, werd ruim vijfentwintig jaar geleden een witte neger geboren. Van huis uit heette hij Douglas Firs, maar omdat men dat ook vijfentwintig jaar geleden geen naam vond om mee in de wereld van de muziek te stappen, liet hij zich algauw herdopen tot Gertjan Van Hellemont. Een beslissing die hem zondermeer uitzicht gaf op faam en fortuin en ook een opgemerkte parttimebaan als gitarist in het ensemble van de meer dan uitstekende The Bony King of Nowhere of coproducer van het wel zeer fijngevoelige Love Like Birds. Gertjan Van Hellemont mag dan wel afkomstig zijn van Meise, die parel aan de schilderachtige A12, toch liggen zijn muzikale roots behalve in het Amerikaanse zuidwesten toch ook een beetje in het muzikale mierennest genaamd Gent. Balthazar, Amatorski, Bram Vanparys (De Benige Koning van Nergens zelf dus), het zijn niet zozeer concurrenten als wel collega’s en zelfs vrienden van Gertjan, die we om het overzichtelijk te houden vanaf nu toch maar weer Douglas Firs zullen noemen. Een mooie naam voorwaar, die zowel alles wil zeggen als niks en waarvoor we u graag naar de diverse zoekmachines verwijzen. Wat ons bezighoudt is de muziek en die van Douglas Firs klinkt zoals die welke zou gemaakt worden door het kind dat Gram Parsons en Lowell George samen gehad zouden hebben als dat in die tijd al had gekund, mannen die samen kinderen krijgen. Douglas Firs maakt hoogst persoonlijke, vaak louterende muziek die vaak zo triest is dat je er vrolijk van wordt, denkend dat er mensen zijn die het nog beroerder hebben dan jijzelf. Tekstueel zit het dus ook goed. Dat wisten we al van I Will Let You Down (via vi.be gehoord op Radio 1 en Studio Brussel) en dat weet ik nu al van de single Shimmer & Glow, niet toevallig ook de naam van de imminente eerste full cd, die overigens voorzien is van een fraaie hoesfoto van de hand van één van Douglas’ muzikale helden, Ryan Adams’ gitarist Neal Casal. Douglas Firs boort zowel met zijn gitaar als met zijn woorden diepe gaten in de menselijke ziel en wie een zin kan schrijven als “You know I’m not/Good with people, but/I think I could be/Pretty good with you”, die weet iets van het leven, wat altijd meegenomen is, zowel voor Douglas Firs zelf als voor ons, het publiek. Wordt Firs de nieuwe Phantom Monk of folk blues, zoals Kelly Joe Phelps, die trouwens samen met Dylan gename-checked wordt op het mooie Never Cared Enough? Is hij de next big thing? Wie zal het zeggen? Wij hopen eigenlijk alleen dat Douglas Firs vooral zichzelf blijft en nog tot een heel eind in de 21e eeuw fijne plaatjes blijft maken vol eigenzinnige songs. Er bestaan overal mensen met een hart en een ziel en dus valt het te voorspellen dat de wereld binnenkort massaal valt voor de meester van Meise. Of niet. Moest Douglas Firs niet Douglas Firs zijn maar ABBA, dan zouden we zeggen: thank you for the music. Maar nu zeggen we dat ook. Marc Didden, filmmaker en columnist, Brussel, Zondag 26 Februari 2012, 15:09

optredens

28/10/17 Brussel, AB new